Referenties Corporaties in bevingsgebied zetten in op versterken én verduurzamen

De acht corporaties in het Groningse aardbevingsgebied* willen hun woningvoorraad niet alleen herstellen en versterken, maar ook verduurzamen. “De bewoners worden geconfronteerd met aardbevingschade en onveiligheid van de woningen,” zegt Frank van der Staay van Atrivé, die de corporaties begeleidt. “Daarom komen de corporaties met de NAM en het Centrum Veilig Wonen hen tegemoet. Ze gaan de huizen versterken, comfortabeler maken én energiezuiniger.”

Een eerste pilot van 150 woningen, een proces dat Fooq begeleidt, staat in de steigers. Verdeeld over zeven gemeenten worden zij tot het maximale niveau versterkt. “Dat zal wellicht niet overal nodig zijn”, beseft Van der Staay. “Maar in welke mate de woningen in de verschillende gebieden versterkt moeten worden, is nog niet duidelijk. We weten dat in de omgeving Loppersum het aardbevingsrisico het grootst is, maar pas in december krijgen wij een nieuwe contourenkaart met GrondPiekSnelheden (GPA’s), waarmee de risico’s in alle gebieden duidelijk worden.”

Relatie met bewoners

Gezien de planning – 1650 woningen versterkt en verduurzaamd in juni 2016 – willen de corporaties ervaring opdoen met het uitrollen van het plan. “Het is immers niet alleen een technisch verhaal. Er zitten ook veel juridische, financiële en planologische aspecten aan vast”, vervolgt Van der Staay. “Daarnaast speelt de communicatie met de bewoners een belangrijke rol.”

Technische aanpak

Voor de technische aanpak hebben inmiddels zeven marktpartijen de eerste concepten aangeleverd. Daar wordt nu aan gesleuteld. In oktober volgen de definitieve keuzes. “Bij de meeste woningen wordt het buitenspouwblad van de huizen verwijderd. Er komen stalen portalen tegen de binnenmuren en vloeren, waarna wij de buitengevel op een goede manier willen afwerken. Géén metselwerk, want hoe zwaarder het wordt, hoe kwetsbaarder het bij bevingen is”, schetst Van der Staay. “Tegelijkertijd wordt ook het dak versterkt. Alles wordt op nieuwbouwniveau opgeleverd.”

Nul-op-de-Meter

Bij deze aanpak is het bouwfysisch gezien noodzakelijk de ramen, de kozijnen, de vloer én de ventilatie mee te nemen. “Zo ontstaat de ideale situatie om het huis te verduurzamen naar Nul-op-de-Meter (NOM)”, vertelt Van der Staay. “Zo hebben de bewoners niet alleen de overlast van de aardbevingen, maar hebben zij ook voordeel. We verwachten dan ook dat de bewoners enthousiast zullen zijn over de aanpak.”

Wie betaalt?

De NAM neemt alle kosten voor het herstel, de versterking en de noodzakelijke isolatie op zich. De extra installaties voor NOM betalen de corporaties. Van der Staay schat dat het respectievelijk om gemiddeld zo’n € 72.000,- en € 25.000,- per woning gaat. De huren worden als gevolg van de ingreep niet verhoogd. Wel betaalt de huurder straks een Energie Prestatie Vergoeding (EPV), maar die zal lager uitvallen dan zijn huidige energierekening die komt te vervallen.

Nog maar het begin

De pilot omvat met name rijtjeshuizen. Enerzijds omdat zij over het algemeen kwetsbaar zijn, anderzijds omdat hier makkelijker één plan op los te laten is. “Het engineering-vraagstuk is het lastigste in dit hele project en kost veel tijd”, verduidelijkt Van der Staay. “Hoe we precies elk huis moeten versterken, is moeilijk in te schatten. Daarvoor is het goed dat wij nu eerst flink veel ervaring opdoen en dus ‘productie’ kunnen draaien. Dit is namelijk nog maar het begin. In totaal moeten wij in het kerngebied van de aardbevingen zo’n 15.000 woningen versterken!”

* De corporaties die betrokken zijn bij het aardbevingsdossier zijn: Groninger Huis, Acantus, De Delthe, Wierden en Borgen, SUW, Woningbouw Slochteren, Woongroep Marenland en Woonzorg Nederland.

Gerelateerd artikel
Fooq start projectbureau huurwoningen in bevingsgebied voor Centrum Veilig Wonen

Deel dit artikel op:

Reacties

Meer impressies van dit project

Extra informatie